Verhalen uit de praktijk

De familie Vacant

Humor moet! Dat is een opmerking die ik weleens maak. Ergens de humor van inzien is veelal mijn eerste reactie. Het brengt verlichting in moeilijke situaties, het schept lucht en het maakt sommige lastige kwesties beter te behappen. Relativeren doet soms ook wonderen. ‘Is het allemaal wel zo erg, wat er gebeurt?’ ‘Heeft het effect op mijn doen en laten?’ Openlijk klagen over de dingen die je negatief beïnvloeden, dat gaat niet vanzelf bij mij. Zo ook niet over wat ik deze keer in mijn blog benoem. Maar het mag best gezegd worden, zo is mij verzekerd.

Op maandag 9 november 1998 reed ik mee achterin een Daf YAD 4442, die de voorpoort van de Koninklijke Militaire School in Weert passeerde. Daarmee begon mijn Defensie loopbaan. En als men mij vraagt wat er onlosmakelijk met mijn werkzame leven bij deze werkgever verbonden is, is het wel Bezuinigen.
Uiteraard speelde dat bezuinigen al veel langer. (Zie de afbeelding hierboven.) Eind 1989 viel de Berlijnse Muur, wat het begin van het einde betekende van het Oostblok. Krantenkoppen spraken toen o.a. van ‘De Nederlandse Krijgsmacht die haar vijand kwijt is en daarmee ook haar doel.’ Hierop werd ingespeeld door de politiek die sindsdien tientallen bezuinigingsrondes heeft losgelaten op de Defensie organisatie. En dit feitelijk tot op de dag van vandaag. Want wanneer een organisatie recent aangeeft 4 miljard euro nodig te hebben, alleen al ten behoeve van het herstellen van de capaciteiten en je levert de organisatie een fractie van dat noodzakelijke bedrag, dan is dat nog steeds een (strenge) bezuiniging in de beleving van deze sergeant-majoor.

Mijn blogs zijn gebaseerd op mijn persoonlijke ervaringen. En in die context kan ik aangeven dat op de werkvloer de vele beperkingen op financieel gebied, daadwerkelijk voelbaar zijn. En dat op de meest cruciale gebieden; oefenen, trainen en de dagelijkse werkzaamheden. En dat werkt demotiverend.

Het personeel, waaronder de onderofficieren, wordt geacht onder alle omstandigheden hun werk te doen. De CDS geeft recent aan dat we ons druk moeten maken in het kader van het ‘operationeel relevant blijven’. De gloednieuwe Beleidsvisie Onderofficieren Krijgsmacht heeft het over ‘het inzetbaar houden voor de toekomst van een Krijgsmacht in verandering’. Als ik niet zo positief in het leven zou staan, zou ik kunnen stellen dat, gezien de bezuinigingen, wij als Krijgsmacht zeker in verandering zijn, echter niet ten goede.

Maar gelukkig ben ik in staat er het beste van te maken en roei ik zoals vele collega’s met mij, met de riemen die we hebben. Ook ondanks de vele vacatures. Want ook ondergetekende heeft een groep mensen onder zich gehad, waarbij de ‘familie Vacant’ hofleverancier was.

De ‘sergeant Vacant’, de ‘luitenant Vacant’. Termen die genoemd worden of genoteerd staan, waarmee bedoelt wordt dat er sprake is van een vacature. De term is helaas behoorlijk ingeburgerd.
Bij aanvang van mijn vorige functie als commandant van een diagnosegroep, waren er van de acht functies binnen mijn groep, vijf vacant. Oftewel ‘niet gevuld’. Dat dwingt je tot het maken van keuzes in je werkzaamheden, bijvoorbeeld een niet direct noodzakelijke reparatie uitstellen. Het beperkt je in de taak die je hebt om je eenheid inzetbaar te houden of te krijgen, bijvoorbeeld het onderhoud wat niet altijd op tijd kon plaatsvinden. Het maakt het dat je voor je gevoel een mager ‘zesje’ levert waar je altijd een ‘tien’ wilt scoren. Het knaagt aan je gevoel een vakman te zijn.

‘Mijn’ vacatures waren slechts enkele van de 8800 openstaande vacatures, of 7900 vacatures. Afhankelijk van hoe we het moeten zien naar aanleiding van de uitleg onlangs in de Tweede Kamer. In de media kon men er om lachen. Want het leek volgens velen sterk op het ‘down scalen’ van een enorm probleem. Er werd daarnaast ook aangegeven dat 1600 van dat enorme aantal vacatures er zijn omdat er geen geld is om ze überhaupt in stand te houden. Dat is dus dubbel vervelend…
Ter vergelijking; RTV Drenthe sprak op 27 september 2017 in een artikel over 4800 militaire vacatures en 800 burger vacatures. Wanneer je deze aantallen optelt kom je destijds op 5600 vacatures. Vergeleken met het onlangs genoemde aantal van 8800 vacatures, zijn er 3200 vacatures bijgekomen in vier jaar tijd. Dan zijn er dus in de afgelopen vier jaar, per jaar 800 mensen méér weggegaan dan er zijn binnengekomen.
Waar gaat dit heen in dit tempo? Dat is toch iets wat ondergetekende bezig houdt.

En dat laatste had ik mij 23 jaar geleden toch echt niet voor kunnen stellen, toen de tonner tot stilstand kwam en het kenmerkende afblazen klonk van de bediende parkeerrem…

Ik wens U en Uw dierbaren een fijne feestmaand toe!

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *